• Johan Boef

Wie is die prutser?

Het is ergens in 2003 of 2004, precies weet ik het niet meer, maar dat is ook niet belangrijk. Het was denk ik een skeelermarathon om de Oomsport-cup, al weet ik ook dat niet zeker. Wat ik wel weet, is dat we ons rondje reden op het wielerparcours dat toen nog Ahoy heette, dat er bij deze c-wedstrijd een enorm peloton aan de start stond, en dat ik me die hele wedstrijd doodgeërgerd heb.




Alle toppers van dat moment deden mee. Daar stond een Jelmer Looijenstein aan de start, reed ene Vincent Riemersma met een eigenwijze kop lekker vooraan, en bungelde ik ergens halverwege het peloton met een of andere stuntel die geen bochten kon rijden. Die wel een soort van overstapte, maar af en toe ook met een soort zweefact met beide armen als een aangeschoten vliegtuig de bocht nam. En hij trapte naar achteren, waardoor ik half koers al een hele verzameling zwarte vegen en bulten op mijn schenen had verzameld. Niet te doen.

En of het zo was of dat het in mijn verbeelding zo is gegroeid: in iedere bocht, werkelijk iedere bocht viel er wel een gat en anders was het gewoon een kwestie van tijd voor ie hard zou crashen. Dus ik dook er dan maar hard onderdoor of langs, want anders zat je achter de breuk of in de valpartij en was ik nog kanslozer dan ik op voorhand al was. Maar hij bleef bij en kwam telkens weer voor me, tot ik moegestreden moest lossen. Aan die prutser dacht ik niet meer, want er was toch geen kans die hij die koers op die manier had uitgereden. Die was vast uitgestapt.

Toen ik met een halve ronde achterstand over de streep kwam vroeg ik wie er gewonnen had. 'Een of andere onbekende Amsterdammer', kreeg ik te horen, en ik haalde mijn schouders op. Bij de c’s had je wel vaker eendagsvliegen die zomaar een koersje kaapten. Maar dat was die dag precies niet het geval. Want die slungel zonder techniek die daar de eerste prijs uitgereikt kreeg, die tot die dag zelfs nooit een wedstrijd had gereden, die zou de 15, 16 jaar die daarna volgden de smaakmaker van het peloton worden. Op de wielen, maar vooral op het ijs. En mijn ergernis? Die was op het moment dat ik hem op het podium zag staan al omgeslagen in bewondering. En dat is tot op de dag van vandaag niet veranderd. Het was mooi Jouke, het was heel mooi.

Jouke Hoogeveen
Jaren later reed Jouke ook op de langebaan legendarische races.

7 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven